eetstoornis medicatie

Welke medicatie kan helpen bij eetstoornissen?

Medicatie is een substantie die gebruikt wordt om ziektes te behandelen of symptomen te verlichten. In de behandeling van eetstoornissen kan medicatie helpen bij het verminderen van bijkomende psychische problemen zoals angst en depressie, maar het is niet altijd effectief voor de eetstoornis zelf.

Bij anorexia kan medicatie soms helpen bij het bevorderen van gewichtstoename, terwijl bij boulimia antidepressiva zoals fluoxetine symptomen kunnen verminderen. Bij binge eating disorder kunnen bepaalde medicijnen, waaronder antidepressiva en antipsychotica zoals olanzapine, helpen bij het verminderen van eetbuien.

Therapieën voor eetstoornissen omvatten psychologische, gedragsmatige en familie-interventies. Deze worden beschouwd als de primaire benadering. Reinblatt, S., Redgrave, G., & Guarda, A. (2008) onderstrepen dat psychologische, gedragsmatige en familie-interventies de sleutel vormen voor de behandeling van pediatrische eetstoornissen, met medicatie als mogelijke aanvulling binnen een uitgebreide behandelplan.

Reas, D., & Grilo, C. (2020) wijzen erop dat de combinatie van psychologische en farmacologische behandelingen gemengde resultaten laat zien, met de meeste gerandomiseerde gecontroleerde studies die geen significante voordelen rapporteren.

Dit suggereert dat hoewel medicatie een rol kan spelen, het niet de enige oplossing is en dat een geïntegreerde aanpak, rekening houdend met de individuele behoeften van de patiënt, essentieel is voor effectieve behandeling.

Is medicatie een goede behandeling voor anorexia nervosa?

Nee, medicatie alleen wordt over het algemeen niet beschouwd als een effectieve primaire behandeling voor anorexia nervosa. Medicatie speelt een beperkte rol, voornamelijk gericht op het beheersen van bepaalde psychiatrische aandoeningen die geassocieerd kunnen zijn met anorexia, zoals angststoornissen.

Het bewijs voor de effectiviteit van medicijnen bij het direct behandelen van de kernsymptomen van anorexia, zoals beperkte eetgewoonten en een sterk verlangen naar gewichtsverlies, is zwak tot matig.

Antidepressiva, zoals fluoxetine, zijn geprobeerd, maar hebben over het algemeen een lage effectiviteit getoond in het verbeteren van gewichtstoename of in het stabiliseren van herstel. Antipsychotica zijn ook getest, maar hebben gefaald in het actief bevorderen van gewichtstoename.

Experts zijn het erover eens dat een multidisciplinaire aanpak, die psychotherapeutische behandelingen combineert met medische monitoring en voedingsadvies, noodzakelijk is om adequaat anorexia en de medische complicaties die ermee gepaard gaan, aan te pakken.

Kunnen anorexia patiënten baat hebben bij antipsychotica?

Het bewijs over het gebruik van antipsychotica, met name tweedegeneratie of atypische antipsychotica zoals olanzapine, voor de behandeling van anorexia nervosa is gemengd en niet eenduidig.

Olanzapine, bekend als Zyprexa, wordt soms ingezet bij anorexia patiënten om symptomen zoals obsessieve gedachten en door honger geïnduceerde psychose aan te pakken. Studies suggereren dat olanzapine kan helpen bij gewichtsherstel en het verminderen van psychotische symptomen bij anorexia patiënten, maar de resultaten zijn niet consistent.

Volgens Himmerich & Treasure (2018) in “Psychopharmacological advances in eating disorders” uit Expert Review of Clinical Pharmacology, kunnen nieuwe psychopharmacologische behandelingen voor eetstoornissen doelwitten zijn voor signaalmoleculen en receptoren in het zelfregulerende systeem, het hedonische systeem en het hypothalamische homeostatische systeem, wat de uitkomsten potentieel kan verbeteren. Deze benadering wijst op de complexiteit van anorexia nervosa en de noodzaak voor gerichte behandelingen die verder gaan dan alleen gewichtsherstel.

Olanzapine wordt vaak als aanvullende behandeling aanbevolen, vooral bij patiënten die extreme angst of obsessieve symptomen ervaren. Echter, de effectiviteit van olanzapine als primaire behandeling voor anorexia blijft onduidelijk. De bijwerkingen, waaronder gewichtstoename en metabole problemen, moeten ook worden overwogen, vooral bij adolescenten en jongvolwassenen.

Hoewel sommige studies een positief effect van olanzapine op gewichtstoename en vermindering van psychotische symptomen bij anorexia patiënten aantonen, benadrukken andere de beperkte effectiviteit en de noodzaak van verder onderzoek.

Helpen antidepressiva bij anorexia?

Er is geen sluitend bewijs dat antidepressiva, zoals Effexor en Prozac (fluoxetine), direct nuttig zijn bij de behandeling van anorexia nervosa. Antidepressiva, voornamelijk Selectieve Serotonine Heropname Remmers (SSRI’s), worden vaker voorgeschreven voor comorbide aandoeningen zoals depressie en angst, die vaak voorkomen bij anorexia.

Het onderzoek van Lutter, M. (2017) in “Emerging Treatments in Eating Disorders” in Neurotherapeutics, benadrukt dat opkomende behandelingen, waaronder fluoxetine en lisdexamfetamine, voortgang tonen in het verbeteren van behandelingsresultaten voor eetstoornissen. Deze verbetering betreft niet direct gewichtsherstel, maar kan aspecten zoals psychopathologie en de preventie van terugval positief beïnvloeden.

De effectiviteit van antidepressiva in de acute fase van anorexia is beperkt vanwege het lage gewicht en de ernstige onderliggende psychopathologie. De kern van de behandeling ligt in gewichtsherstel en het aanpakken van disfunctionele eetgedragingen. Fluoxetine en andere SSRI’s kunnen potentieel helpen bij het verminderen van obsessieve gedachten en het verbeteren van de stemming, wat indirect kan bijdragen aan herstel. Echter, de huidige data suggereren dat deze medicijnen vooral nuttig zijn na het bereiken van een stabiel gewicht, om terugval te voorkomen.

Zou je benzodiazepines moeten nemen voor anorexia?

Het algemene consensus wijst op een beperkte rol van benzodiazepines in de behandeling van anorexia, met de nadruk op een stevige basis van psychologische en voedingsondersteuning. Onderzoek, zoals aangehaald in “O’brien, C. (2005). Benzodiazepine use, abuse, and dependence. The Journal of clinical psychiatry”, stelt dat benzodiazepines cruciaal zijn voor het behandelen van angststoornissen, maar dat hun rol bij anorexia niet overwogen moet worden.

Studies suggereren dat het toedienen van benzodiazepines voorafgaand aan maaltijden de caloric intake kan verhogen door angstniveaus bij inpatienten te verminderen. Echter, de data ondersteunen niet dat ze de kernsymptomen van eetstoornissen effectief aanpakken.

In vergelijking met andere medicaties zoals antidepressiva en atypische antipsychotica, zoals olanzapine, die direct de psychopathologie en het disfunctionele eetgedrag kunnen beïnvloeden, bieden benzodiazepines weinig therapeutisch voordeel.

Wordt medicatie gebruikt voor anorexia patiënten om aan te komen?

Medicatie wordt soms gebruikt in combinatie met psychotherapie voor anorexia patiënten om gewichtstoename te bevorderen. Olanzapine, een atypisch antipsychoticum, is effectief bevonden in het veilig bereiken van snellere gewichtstoename en verbetering van obsessieve symptomen bij vrouwen met anorexia nervosa, zoals aangetoond door Bissada, Tasca, Barber, & Bradwejn (2008) in The American Journal of Psychiatry.

Daarnaast heeft onderzoek van Levinson, Rodebaugh, Fewell, Kass, Riley, Stark, McCallum, & Lenze (2015), gepubliceerd in The Journal of Clinical Psychiatry, aangetoond dat D-Cycloserine, een medicijn dat exposure therapie faciliteert, leidt tot verhoogde gewichtstoename bij anorexia nervosa patiënten.

Studies tonen aan dat bepaalde medicijnen, in de juiste doses en onder medisch toezicht, een significante rol kunnen spelen in het ondersteunen van gewichtsherstel en het verminderen van terugval. Echter, er is geen consensus over een standaard medicamenteuze behandeling voor anorexia nervosa, en de effectiviteit van medicatie kan variëren per individu.

Waarom schrijven artsen soms orale anticonceptiva voor bij anorexia?

Artsen schrijven soms orale anticonceptiva (de pil) voor aan patiënten met anorexia nervosa in een poging om de menstruatiecyclus te herstellen en de botdichtheid te verbeteren. Deze praktijk is gebaseerd op de veronderstelling dat de pil kan helpen bij het aanvullen van oestrogeenniveaus, die vaak laag zijn bij vrouwen met anorexia door gewichtsverlies en ondervoeding. Een lage oestrogeenspiegel is direct geassocieerd met verminderde botdichtheid en een verhoogd risico op osteoporose.

De pil wordt voorgeschreven om amenorroe (het uitblijven van menstruatie) te behandelen, wat vaak voorkomt bij anorexia. Het idee is dat het herstellen van een ‘normale’ menstruatiecyclus een teken is van verbeterde gezondheid en hormonale balans. Bovendien wordt gedacht dat het gebruik van orale anticonceptiva de botdichtheid kan verhogen of op zijn minst verdere afname kan voorkomen.

Echter, onderzoek, waaronder de studie van Bergström et al. (2013) getiteld “Women with anorexia nervosa should not be treated with estrogen or birth control pills in a bone‐sparing effect”, benadrukt dat het behandelen van anorexia patiënten met oestrogeen of de pil voor botbescherming misleidend kan zijn. Deze studie stelt dat er onvoldoende bewijs is dat orale anticonceptiva daadwerkelijk de botdichtheid bij anorexia patiënten verbeteren. Het gebruik van de pil kan een vals gevoel van bescherming tegen botverlies creëren, zonder de onderliggende oorzaak van de aandoening aan te pakken.

Is medicatie een goede behandeling voor boulimia nervosa?

Bepaalde medicijnen kunnen als aanvullende behandeling gebruikt worden in combinatie met psychotherapie en voedingsadvies bij de behandeling van boulimia nervosa.

Fluoxetine, een antidepressivum, is goedgekeurd voor volwassenen met deze eetstoornis en speelt een rol in het beheersen van psychopathologie. Lisdexamfetamine, bedoeld voor binge-eating, wordt ook ingezet.

Onderzoek van Johnson, W., Tsoh, J., & Varnado, P. (1996) benadrukt dat medicatie kan helpen, maar cognitieve/gedragsinterventies effectiever zijn in het verminderen van eetbuien en purgeergedrag dan alleen medicatie. Medicatie wordt dus gezien als een ondersteunende component binnen een uitgebreid behandelregime, waarbij de nadruk ligt op het combineren van verschillende effectieve elementen om de beste resultaten te bereiken.

Kunnen SSRIs boulimia patiënten helpen?

Ja, selectieve serotonineheropnameremmers (SSRI’s) worden beschouwd als gunstig en een effectieve farmacologische behandeling voor patiënten met boulimia nervosa. SSRI’s, waaronder zoals fluoxetine (Prozac), Lexapro, fluoxetine (Prozac), paroxetine (Paxil) en sertraline (Zoloft), spelen een sleutelrol in het verminderen van de symptomen van boulimia door het reguleren van serotonine in de hersenen, wat kan leiden tot meer stabiele emoties en een vermindering van eetbuien en purgeergedrag.

Bacaltchuk, J., & Hay, P. (2003) in “Antidepressants versus placebo for people with bulimia nervosa” vonden dat SSRI’s klinisch effectief waren voor de behandeling van boulimia nervosa, met een algemeen hogere remissiegraad maar een hoger uitvalpercentage. Dit ondersteunt het gebruik van fluoxetine als een voorkeursmedicatie, mede vanwege de gewichtsneutraliteit en het gunstige bijwerkingenprofiel.

Verder verbeterde paroxetinebehandeling het eetgedrag bij patiënten met boulimia die fenotypeveranderingen vertoonden van EM naar PM of UM naar EM, wat wijst op de potentie van SSRI’s om niet alleen de frequentie van eetbuien en purgeergedrag te verminderen, maar ook positieve veranderingen in het eetgedrag te bevorderen.

SSRI’s worden doorgaans gecombineerd met therapie om de effectiviteit van de behandeling te verhogen, aangezien medicatie alleen meestal niet voldoende is.

Is medicatie een goede behandeling voor Binge Eating Disorder?

Medicatie kan een aanvullende behandeling zijn voor Binge Eating Disorder (BED). Volgens Carter, W., Hudson, J., Lalonde, J., Pindyck, L., McElroy, S., & Pope, H. (2003) in The International Journal of Eating Disorders, hebben medicijnen, waaronder antidepressiva, eetlustremmers en anticonvulsiva, effectiviteit getoond in de behandeling van BED. Deze medicijnen kunnen symptomen potentieel verminderen door de onderliggende psychische aandoeningen zoals angst en depressie aan te pakken, die vaak bijdragen aan BED.

Een multimodale benadering, die medicatie combineert met cognitieve gedragstherapie, voedingsadvies en soms counseling, wordt algemeen aanbevolen. Lisdexamfetamine dimesylate, momenteel het enige door de Amerikaanse FDA goedgekeurde medicijn specifiek voor volwassenen met BED, heeft aangetoond dat het het aantal eetbuien vermindert.

Andere medicijnen worden off-label voorgeschreven, gebaseerd op NHS-richtlijnen en klinische ervaring, om de kernsymptomen en gerelateerde aandoeningen zoals obesitas en angst te behandelen.

Welke medicatie helpt bij overeten?

Er zijn enkele medicijnen die kunnen helpen bij overeten. Metformine vermindert volgens Komori et al. (2004) significant gewicht, BMI, insulineresistentie en verbetert eetgedrag bij obese type 2 diabetici met eetlustproblemen, maar wordt voornamelijk gebruikt voor het behandelen van diabetes.

Natuurlijke eetlustremmers, zoals gymnema, een kruid dat suikerabsorptie blokkeert en zoetverlangen vermindert, zijn ook effectief. Lisdexamfetamine vermindert eetbuien.

Orlistat, liraglutide en semaglutide bevorderen gewichtsverlies en verminderen eetlust. Topiramaat en setmelanotide hebben ook potentie getoond in het reduceren van eetbuien.

Kunnen antidepressiva helpen bij BED?

Antidepressiva zoals SSRI’s kunnen effectief zijn bij het behandelen van eetbuienstoornis (BED). SSRI’s, waaronder sertraline en fluoxetine, richten zich op serotonineniveaus in de hersenen. Serotonine is gekoppeld aan stemming en eetgedrag. Door deze niveaus te verhogen, kunnen SSRI’s helpen de frequentie van eetbuien te verminderen.

Onderzoek van Duan et al. (2022) in Frontiers in Pharmacology ondersteunt dit: sertraline en fluoxetine verminderen significant de frequentie van eetbuien en worden over het algemeen goed geaccepteerd. Ze zijn echter niet effectief in het bevorderen van gewichtsverlies.

Waarom werken stimulanten bij het behandelen van eetbuienstoornis?

Stimulanten kunnen eetbuienstoornis behandelen omdat ze ingrijpen op neurobiologische paden die impulscontrole en eetgedrag reguleren.

McElroy (2017) benadrukt dat stimulantia zoals lisdexamfetamine effectief zijn in het behandelen van BED. Verder toont onderzoek van Davis et al. (2016) aan dat stimulant medicatie (methylfenidaat) effectief BED kan behandelen bij vrouwen, met eerdere en langdurigere effecten vergeleken met mannen, waar geen significante verschillen werden gevonden.

Deze bevindingen suggereren dat stimulantia, door het beïnvloeden van onderliggende neurobiologische mechanismen, een effectieve behandelingsoptie bieden, vooral wanneer gecombineerd met psychotherapie, zoals cognitieve gedragstherapie, om zowel de psychologische als neurobiologische aspecten van BED aan te pakken.

Waarom moet je Wellbutrin niet gebruiken voor eetstoornissen?

Je moet Wellbutrin (Bupropion) niet gebruiken voor eetstoornissen zoals anorexia nervosa en boulimia vanwege meerdere risico’s. Ondanks onderzoek van Horne et al. (1988) in The Journal of clinical psychiatry, waaruit bleek dat Bupropion effectiever was dan een placebo bij het verminderen van eetbuien en purgeren bij bulimiapatiënten, is de visie veranderd. Wellbutrin is geassocieerd met een verhoogd risico op ernstige bijwerkingen, vooral bij personen met eetstoornissen.

Ten eerste verhoogt Wellbutrin het risico op toevallen, vooral bij personen met een laag gewicht of die extreme gewichtscontrolemaatregelen toepassen, wat vaak voorkomt bij eetstoornissen. Dit risico is significant hoger in vergelijking met andere medicijnen.

Ten tweede kan het gebruik van Wellbutrin bij mensen met eetstoornissen leiden tot een verergering van symptomen. Het kan de eetlust onderdrukken, wat gevaarlijk is voor individuen die al ondergewicht hebben of lijden aan malnourishment. Dit kan de gezondheid verder in gevaar brengen.

Daarnaast zijn er rapporten van misbruik van Wellbutrin onder personen die proberen hun eetlust te onderdrukken, wat kan leiden tot verslaving en misbruik van het medicijn. Dit misbruik kan de neiging tot eetbuien en purgeren verergeren, in plaats van deze te verminderen.

Bovendien kan Wellbutrin psychotische episodes of een verhoogde depressieve stemming triggeren bij sommige patiënten, wat bijzonder problematisch is voor individuen met eetstoornissen die vaak al worstelen met psychische problemen.

Gezien deze risico’s wordt het sterk afgeraden Wellbutrin te gebruiken voor de behandeling van eetstoornissen.

Wat zijn de meest geaccepteerde therapieën voor het behandelen van eetstoornissen?

De meest gebruikte en effectieve therapieën voor het behandelen van eetstoornissen zijn cognitieve gedragstherapie (CGT) en interpersoonlijke psychotherapie (IPT). CGT richt zich op het wijzigen van ongezonde denk- en gedragspatronen en wordt vooral ingezet bij anorexia nervosa, boulimia nervosa en eetbuistoornis. IPT helpt bij het verbeteren van interpersoonlijke relaties en het oplossen van problemen die bijdragen aan de eetstoornis.

Kan medicatie helpen bij de emotionele gevolgen van eetstoornissen?

Ja, medicijnen kunnen een rol spelen bij het beheersen van sommige emotionele en psychologische gevolgen van eetstoornissen. Ze worden vaak voorgeschreven als aanvulling op therapieën zoals cognitieve gedragstherapie, om specifieke symptomen te behandelen.

Het is belangrijk te benadrukken dat medicatie meestal niet als standalone behandeling wordt gebruikt voor de emotionele gevolgen van eetstoornissen, maar als onderdeel van een uitgebreide aanpak die ook dieetbegeleiding en psychologische ondersteuning omvat.

Kan medicatie helpen bij de lichamelijke gevolgen van eetstoornissen?

Ja, bepaalde medicijnen kunnen helpen bij het aanpakken van sommige lichamelijke gezondheidsgevolgen geassocieerd met eetstoornissen zoals anorexia en boulimia. Ze kunnen elektrolytenonevenwichtigheden, ondervoeding en constipatie behandelen.

Vitaminetekorten, veroorzaakt door eetstoornissen, kunnen met supplementen worden gecorrigeerd. Ernstige complicaties, zoals hart- en spierproblemen, vereisen specifieke behandelingen. Medicijnen zoals omeprazol kunnen gastro-intestinale problemen en andere lichamelijke gevolgen van eetstoornissen, zoals zuur reflux en de gevolgen van frequent braken, aanpakken.